De meest gestelde vragen bij de overstap van 2D naar 3D software.

 

De meest gestelde vragen bij de overstap van 2D naar 3D software

 
  Door Laura Vanderhoven, Productspecialist , 26 april, 2018
Geschatte leestijd: 5 min.
 
 


De evolutie in de bouwwereld wijst duidelijk naar het 3D modelleren en daarna naar BIM. Maar de overstap van een 2D tekenpakket naar een 3D software houdt iets meer in dan gewoon een nieuw pakket kopen. Door onze ervaring die we hebben opgelopen bij het begeleiden van kantoren die de overstap maakten is het duidelijk dat iedereen met veel vragen zit. We geven hier een antwoord op de vragen die we steeds tegenkomen.
 

Kan ik mijn 2D bestanden blijven gebruiken?

Alle afgeronde projecten zijn getekend in de oude 2D software maar het komt regelmatig voor dat klanten terugkeren voor een verbouwing. Hier moeten we ons dan vooral afvragen hoe groot deze verbouwing is en wat de meerwaarde is als we het plan in 3D zouden zetten. Elke goede 3D software kan 2D plannen importeren en er kan ook steeds in 2D verder gewerkt worden indien nodig. Dus om verder te werken op oude plannen is het een goed idee om deze in de nieuwe software te importeren. Dit kan als een universeel bestandsformaat, vaak DWG of PDF. Van alle voorgaande plannen zijn er altijd wel universele exporten gemaakt.

Voor aanpassingen van klein naar groot zijn er de volgende opties:
 

  • Laat het plan in 2D staan in de nieuwe software. Teken daarna verder in 2D in de nieuwe software. Dit is vooral voordelig bij minimale aanpassingen zoals het plaatsen van een ligger, het aanpassen van een raamopening,…
  • Het is ook mogelijk om het oude plan te importeren en minimaal over te zetten naar 3D. Dit kan dan enkel de vorm van het bestaande gebouw zijn. Alle nieuwe elementen worden in 3D getekend. Dit is een handige optie als de verbouwing vooral over een uitbouw gaat.
  • Bij grote verbouwingen is het veel handiger om even de moeite te nemen om het bestaande plan over te zetten naar 3D. Dit neemt vaak minder tijd in beslag dan je zou denken. Met enkele uurtjes (voor een ééngezinswoning) ben je klaar met deze stap.


 

Moet ik mijn lopende projecten omzetten in 3D?

We kunnen kiezen om de lopende projecten volledig in de oude software uit te werken en alle nieuwe projecten in de nieuwe software. Maar het is uiteraard ook mogelijk om projecten om te zetten om er al direct het voordeel van 3D uit te halen.

Kijk hierbij naar de fase waarin de projecten zitten. Met een score van 0 tot 5 wordt hier aangegeven of het de moeite waard is om projecten om te zetten naar 3D. Waarbij 0 niet de moeite is en 5 staat voor ‘zeker doen!’.
 

Ontwerpfase:   ⚫️⚫️⚫️⚫️⚫️
Bouwaanvraagfase ⚫️⚫️⚫️
Uitvoeringsfase:   ⚫️


Simpelweg, hoe verder het project is, hoe minder rendabel het is om het nog om te zetten naar de nieuwe software.

 

Hoe kunnen we het best overschakelen?

Het is belangrijk om te kijken hoe het kantoor werkt. Heeft iedereen zijn eigen projecten en worden deze niet opgevolgd door andere of wordt er in teams gewerkt.
Wat is de doelstelling van het kantoor? Een 3D model kan erg veel informatie bevatten. Welke informatie kan ervoor kan zorgen dat de werkwijze efficiënter wordt en we meer rendabiliteit kunnen creëren.

Wanneer we overschakelen van tekensoftware is het mogelijk om dit direct ‘cold turkey’ te doen. Dit is vooral moeilijk als de oude software een huurformule was. We kunnen dan op geen enkele manier terug als er moeilijkheden zijn omdat we niet meer over de licentie beschikken. Dit vergt maximale inzet van iedereen en het is moeilijk om piekmomenten op te vangen omdat iedereen tegelijk in een leerproces zit. Deze methode kan werken bij kleinere kantoren van 1-5 personen. Vergeet hierbij niet om een universele export te maken van alle lopende projecten.

Bij elke andere manier van overschakelen werken we met een implementatieperiode waarbij we enige tijd twee softwarepakketten in huis hebben. Deze periode kan verschillen van enkele maanden tot maximaal twee jaar. Als er in teams gewerkt wordt kan er best gekozen worden om per team geleidelijk aan in de nieuwe software te beginnen. Zo kan iedereen nog van elkaar leren. Dit kan ook per persoon.

 

Hoe kan ik het implementatieproces verkorten?


 

De implementatieperiode kan beduidend ingekort worden als we zorgen voor een goede start. Dit kan door rekening te houden met de volgende punten:
 

  • Volg een cursus net voor dat er met de nieuwe software gewerkt gaat worden. Het kan zijn dat verschillende personen in het kantoor de cursus op verschillende tijdstippen volgen als er gekozen wordt voor een gespreide implementatie. Dit is zelfs aan te raden omdat dan ook collega elkaar kunnen opvangen met vragen over werkwijzen.
 
  • Zorg voor een goede template. Dit een een startbestand waar alle veelgebruikte instellingen klaar staan. Wanneer de template ingesteld staat zodat iedereen op dezelfde manier werkt is het een stuk makkelijker om samen iets aan te leren. Een goede template verminderd ook het werk dat er in een project gestoken moet worden om een 3D model te modelleren.
 
  • Maak goede afspraken over de werkwijzen binnen het kantoor. Dit kan gaan van het modelleren van een model tot de kleuren van de plannen die geëxporteerd worden. Deze afspraken kunnen verschillen van de afspraken die er waren met de oude software. Evalueer alles en maak eventueel nieuwe afspraken naargelang de mogelijkheden binnen de software.
 
  • Vraag hulp! De leverancier heeft vaak een helpdesk ter beschikking. Zeker bij het overschakelen naar een nieuwe software is deze van onmisbaar belang.
     
 

Wanneer hebben we 3D software onder de knie?

Dit ligt heel erg aan de software maar over het algemeen kunnen we wel stellen dat een kantoor gemiddeld twee projecten moet doorlopen voordat de nieuwe software volledig geïmplementeerd is. Hierna begint de rendabiliteit snel te vergroten. De projecten die gelijktijdig lopen zijn uiteraard ook leerprojecten waarbij er nog gerekend moet worden op extra hulp, opzoekingen of uitzoekwerk.

Kies zeker voor een software die goed aansluit bij het takenpakket van het kantoor.

Vaak kan je bij de leverancier terecht om het pakket te gaan proberen. Ze geven dan een soort ‘testdrive’ van het pakket om onder begeleiding modellen uit te werken. Elke software heeft ook steeds de mogelijkheid van een trial versie. De trial-licentie is slecht een beperkt aantal dagen geldig maar geeft wel al een beeld van hoe het pakket kan werken. Aan de hand van deze testen is het gemakkelijker om in te schatten hoe snel jouw kantoor er overweg mee kan.

Laat je bij de keuze van een software zeker goed informeren. Het is een hele investeringen met de bedoeling om de rendabiliteit van het kantoor te verhogen.